‘De ellende in Haïti houdt maar niet op’

Vorige week werd Haïti opgeschrikt door een zware aardbeving met duizenden doden en nog meer gewonden als gevolg. Zendeling Johan Smoorenburg (77) woont en werkt al veertig jaar in het Caraïbische land, dat de laatste decennia tegenslag op tegenslag te verwerken krijgt. Zijn geloof houdt hem op de been.

Twee dagen voor de aardbeving vertrok Johan met zijn vrouw naar Sint-Maarten om zijn zoon te bezoeken en daarna verder te reizen naar Nederland voor een werkbezoek. Zijn andere zoon, die op het moment van de ramp in Haïti was, had hij vlak na de beving aan de lijn. Johan: “Hij vertelde vanuit zijn auto dat hij onderweg enorme schokken voelde. We wisten op dat moment nog niet wat er precies aan de hand was.”
Het bleek een 36 seconden durende aardbeving van 7.2 op de schaal van Richter te zijn.

Traumatische gebeurtenis

Niet veel later stroomden de berichten binnen dat het epicentrum in het zuidwesten lag, zo’n zeventig kilometer van de hoofdstad Port-au-Prince, die door de aardbeving van 2010 grotendeels verwoest werd. Vijftien kilometer ten noorden van de stad ligt het kinderdorp Bon Repos, waar Johan werkt. Daar is ogenschijnlijk geen schade. De schokken zorgden daar vooral voor paniek. “Voor veel kinderen was het een traumatische gebeurtenis, aangezien ze de vorige aardbeving ook hebben meegemaakt. Sommigen verloren hierbij hun ouders. We hebben vrijwel continu contact met de mensen daar om ze een hart onder de riem te steken.”

Wat ging er door u heen toen u besefte wat er aan de hand was?
“Mijn eerste gedachte was: we gaan terug. Maar aangezien de schade in onze thuisbasis minimaal is, kunnen we weinig doen.”

Johan vertelt over de hevige regenval in de dagen na de aardbeving, waardoor de wegen naar het zuiden nagenoeg onbegaanbaar werden. En vanuit Port-au-Prince moet je door gebieden reizen waar bandieten de wet stellen. Johan: “Het is simpelweg te gevaarlijk om zelf door dat deel van het land te rijden. Maar het is in het rampgebied een en al ellende, blijkt uit de verschrikkelijke filmpjes en foto’s van slachtoffers en ingestorte gebouwen.”

Slechte leefomstandigheden

“De beving van 2010 was een stuk schadelijker dan deze, maar dit is de zoveelste druppel in de emmer van ellende voor Haïti,” vervolgt Johan. “Ik woon hier veertig jaar en heb vier staatsgrepen en verscheidene orkanen en aardbevingen meegemaakt. En ik noemde net al de criminele bendes die bepaalde gebieden onveilig maken. Het houdt maar niet op voor het land. De leefomstandigheden worden hier steeds slechter.”

Maakt dat niet moedeloos?
“Natuurlijk, die momenten ken ik ook. Maar mijn geloof helpt me de moed erin te houden en door te gaan. Ik ervaar een roeping.” Lachend: “Ik lees nergens in de Bijbel dat apostelen met pensioen gaan, en ik zou niet weten wat ik moet doen als ik stop. Ik ben verliefd geworden op het land, ondanks alle gebreken, en voel me deel van de bevolking. Begin jaren tachtig zijn we hier met niets begonnen en hebben we een heel kinderdorp opgebouwd. Terugkijken op dat proces helpt me om positief gestemd te blijven. En ik ben ‘vader’ van zo’n 700 kinderen die ik in het kinderdorp heb zien opgroeien. Die laat je toch niet in de steek? Ik sterf liever in het harnas dan in een ouderenappartementje.”

Bron : visie eo.nl



Publicatie datum / laatste wijziging: 19 aug 2021